**1..** De ambtenaar die is ingedeeld in één van de salarisklassen 1 tot en met 10, die overwerk verricht, ontvangt daarvoor een vergoeding overeenkomstig de volgende leden.
**2..** De vergoeding voor overwerk kan bestaan uit:
verlof gedurende een periode gelijk aan het aantal uren van het overwerk, vermeerderd met een periode berekend naar de percentages, genoemd in het vijfde lid, of
verlof gedurende een periode gelijk aan het aantal uren van het overwerk, onder toekenning van een bedrag dat over die uren wordt berekend overeenkomstig het vijfde lid, of
een bedrag dat wordt berekend overeenkomstig het vijfde lid, waarbij de in dat lid genoemde percentages worden vermeerderd met 100.
**3..** Het verlof, bedoeld in het tweede lid, wordt zo spoedig mogelijk, maar in de regel niet later dan dertien weken na de week waarin het overwerk is verricht, verleend. Op verzoek van de ambtenaar kan, als naar ons oordeel de belangen van de dienst en van de overige ambtenaren dat toelaten, van de vorige volzin worden afgeweken.
**4..** Vergoeding op de wijze, bedoeld in het tweede lid, onder b, vindt slechts plaats, als vergoeding op de wijze, bedoeld onder a, naar ons oordeel uit een oogpunt van dienstbelang ongewenst is. Vergoeding op de wijze, bedoeld in het tweede lid, onder c, vindt slechts plaats, als vergoeding op de wijze, bedoeld onder a en b, naar ons oordeel uit een oogpunt van dienstbelang ongewenst is.
**5..** Als de vergoeding voor overwerk plaatsvindt op de wijze, bedoeld in het tweede lid, onder b of c, wordt het bedrag van de vergoeding voor elk van de daarvoor in aanmerking komende uren berekend naar een percentage van het uurloon. Vindt vergoeding plaats op de wijze, bedoeld in het tweede lid, onder a, dan wordt de periode waarmee het verlof wordt vermeerderd, berekend naar een percentage van het aantal overuren van het overwerk. Deze percentages bedragen:
100 voor overwerk op:
zaterdag tussen 14.00 en 24.00 uur;
een zon- of feestdag en - bij wisselende werktijden - op een dienstvrije dag die aangewezen is als vervangende zon- of feestdag;
75 voor overwerk op:
zaterdag tussen 00.00 en 14.00 uur;
een vervangende zaterdag die - bij wisselende werktijden - als dienstvrije dag is aangewezen;
maandag en - bij wisselende werktijden - op een daarmee gelijk te stellen dag tussen 00.00 en 6.00 uur;
50 voor overwerk op maandag tot en met vrijdag en op roostervrije tijd, behoudens het bepaalde onder 2 en 4;
25 voor overwerk in het eerste uur voorafgaande aan het begin of aansluitend aan het einde van de werktijd.
Is voor de ambtenaar volgens rooster een zaterdag, een zondag of een feestdag als dienstdag aangewezen, dan geldt voor overwerk op deze dagen het bepaalde onder a, onder 3 en 4.
**6..** Wij kunnen voor gelijke werkzaamheden die door ambtenaren met een verschillende bezoldiging en eventueel verschillende betrekkingen de te zamen en gelijktijdig als overwerk moeten worden verricht, een gelijke naar ons oordeel redelijke vergoeding vaststellen.
**7..** De voorgaande leden zijn niet van toepassing op overwerk dat voortvloeit uit één van de verplichtingen bedoeld in artikel 112 van het Ambtenarenreglement. Wij regelen afzonderlijk vergoeding voor zodanig overwerk.
**8..** Dit artikel is niet van toepassing op het personeel van de Dienst Gemeentelijke Kunstgebouwen dat anders dan in volledige betrekking werkzaam is in een evenementsgebonden betrekking. Wij stellen nadere regels voor de vergoeding voor overwerk van dit personeel.
**9..** Dit artikel is niet van toepassing op degenen die een wacht- en waakdienstwerktoelage of piketwerktoelage krijgen.
**10..** Indien de betaling van overwerk 10% van de bezoldiging overschrijdt, dient voor het verrichten van overwerk toestemming te worden gevraagd aan burgemeester en wethouders.