• - Met betrekking tot de uitoefening van de in artikel 4 genoemde taken en bevoegdheden berusten bij het dagelijks bestuur alle bevoegdheden die niet krachtens deze regeling aan het algemeen bestuur of aan de voorzitter zijn opgedragen.
  • - Naast de uitoefening van taken en bevoegdheden op grond van het elders in deze regeling bepaalde is het algemeen bestuur in elk geval belast met en bevoegd tot:
    • - het vaststellen van de meerjaren- en jaarlijkse beleidsplannen;
    • - het vaststellen en wijzigen van de begroting;
    • - het vaststellen van de rekening;
    • - het opstellen van voorwaarden voor toetreding;
    • - het besluiten over toe- en uittreding van gemeenten;
    • - het doen van voorstellen tot wijziging van de regeling en opheffing;
    • - het deelnemen aan gemeenschappelijke regelingen en het (mede) oprichten van privaatrechtelijke rechtspersonen.