• - De leden en de plaatsvervangende leden van de algemene raad worden benoemd voor een periode, welke overeenkomt met de zittingsperiode van de leden van de gemeenteraden.
  • - De benoeming bij periodieke aftreding geschiedt binnen een maand na de eerste vergadering van de gemeenteraden in hun nieuwe samenstelling.
  • - De aftredenden kunnen worden herbenoemd, voor zover zij voldoen aan het bepaalde in artikel 8 van deze regeling.
  • - In geval van periodiek aftreden blijven de aftredende leden en de plaatsvervangende leden lid, onderscheidenlijk plaatsvervangend lid van de algemene raad totdat in hun opvolging is voorzien.