Bij gewijzigde omstandigheden kunnen burgemeester en
wethouders, al dan niet op verzoek van de woningzoekende,
besluiten de inhoud van de afgegeven urgentieverklaring te
wijzigen. Dit wordt schriftelijk en gemotiveerd ter kennis
van de woningzoekende gebracht door middel van de
verstrekking van een gewijzigde urgentieverklaring, waarbij
tevens wordt meegedeeld dat de voordien verstrekte
urgentieverklaring is vervallen.
Burgemeester en wethouders trekken een urgentieverklaring
in, indien:
aan de vereisten voor het verkrijgen van een
urgentieverklaring niet meer wordt voldaan;
de urgentieverklaring is verstrekt op grond van
gegevens waarvan de woningzoekende wist of
redelijkerwijs kon vermoeden dat zij onjuist of
onvolledig waren;
de woningzoekende een naar het oordeel van
burgemeester en wethouders passende woonruimte
weigert;
de woningzoekende daarom verzoekt.
De intrekkingsgronden genoemd in lid 2, sub c en sub d zijn
niet van toepassing op de categorie urgenten op grond van
stadsvernieuwing.
HOOFDSTUK 2 › Paragraaf 2.5
Artikel 2.5.6
Wijziging en intrekking
Onderdeel van Huisvestingsverordening Alkmaar 2007