**1..** De subsidieontvanger is verplicht het bestuursorgaan in kennis
te stellen van het voornemen tot statutenwijziging en de inhoud
daarvan.
**2..** De subsidieontvanger is verplicht het voornemen tot opheffing en
ontbinding tenminste dertien weken voordat het definitieve
besluit te dien aanzien wordt genomen ter kennis te brengen van
het bestuursorgaan.
**3..** De subsidieontvanger is verplicht de gesubsidieerde activiteit
afdoende te verzekeren tegen wettelijke aansprakelijkheid.
**4..** De subsidieontvanger draagt er zorg voor dat de financiële
stukken gedurende een aaneengesloten periode van zeven
kalenderjaren na afloop van het betreffende boekjaar beschikbaar
blijven.
**5..** De subsidieontvanger is, onverminderd het bepaalde in afdeling
4.2.6 Awb, verplicht tot terugbetaling over te gaan indien:
in strijd is gehandeld met een of meer van de in de
subsidiebeschikking opgenomen voorwaarden of met de in
de Awb, VAS of deze Uitvoeringsregeling opgenomen
voorwaarden;
de subsidieontvanger in staat van faillissement is
verklaard;
aan de subsidieontvanger surseance van betaling is
verleend;
conservatoir beslag is gelegd op het vermogen of een
deel van het vermogen van de subsidieontvanger;
de organisatie of de rechtspersoon van de
subsidieontvanger wordt opgeheven;
er sprake is van ernstige tekortkomingen in de wijze
waarop de subsidieontvanger haar financiële middelen
beheert;
handelingen worden gedaan die strijdig zijn met de wet
of die in strijd zijn met de in het maatschappelijk
verkeer gangbare normen;
de activiteiten of werkzaamheden van de
subsidieontvanger worden beëindigt of de vestiging of
werkzaamheden buiten de regio van de GGD
verplaatst;
de subsidieontvanger onjuiste of onvolledige gegevens
heeft verstrekt en kennis van de juiste gegevens tot een
andere beslissing zou hebben geleid;
er naar het oordeel van het bestuursorgaan andere
dringende redenen zijn.
Hoofdstuk 1 › TITEL 3
Artikel 8.
Verplichtingen
Onderdeel van Uitvoeringsregeling subsidievoorwaarden Gemeentelijke Gezondheidsdienst 2004