Personen met een lichamelijke of psychische belemmering of een verstandelijke handicap, kunnen in sommige gevallen niet in staat zijn om het inburgeringsexamen te behalen. Zij kunnen ingevolge artikel 6 Wet inburgering dan verzoeken om een ontheffing van de inburgeringsplicht.
Het verzoek om ontheffing dient schriftelijk te worden gedaan. Het verzoek kan in behandeling worden genomen als het volledig is ingevuld en ondertekend. Het college heeft hiervoor een deskundige arts/instelling aangewezen die de verzoeken beoordeelt. De arts kan ook van mening zijn dat het wél mogelijk is om het inburgeringsexamen af te leggen, maar onder bijzondere examenomstandigheden (meer tijd, visuele hulpmiddelen e.d.).
Na ontvangst van het medisch advies brengt de consulent inburgering advies uit over de ontheffing van de inburgeringsplicht. Indien het advies een afwijzing van het verzoek om ontheffing inhoudt, wordt de verzoeker hiervan eerst op de hoogte gesteld en om een schriftelijke reactie gevraagd.
Voor het aanvragen van een ontheffing van de inburgeringsplicht is de inburgeraar een eigen bijdrage verschuldigd ter hoogte van € 50,-. Mocht blijken dat de ontheffing terecht is aangevraagd en de inburgeraar komt in aanmerking voor de ontheffing, dan ontvangt men de eigen bijdrage terug.