In deze verordening wordt verstaan onder:

a.doelmatigheid:

de mate waarin de gewenste prestaties en beoogde maatschappelijke effecten worden gerealiseerd met zo beperkt mogelijke inzet van middelen;

b.doeltreffendheid:

de mate waarin met de geleverde prestaties de gestelde doelen of gewenste maatschappelijke effecten worden bereikt;

c.programma’s en paragrafen:

onderdelen van de gemeentelijke begroting en jaarstukken zoals nader benoemd in het ‘Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten’;

d.bestuursperiode:

de reguliere door de wet bepaalde zittingstermijn van de raad en het college.