1. In het besluit tot afstemming van het recht op bijstand wordt in ieder geval vermeld:
de reden van de afstemming,
de datum van aanvang van de afstemming,
de duur van de afstemming,
het percentage waarmee de bijstand wordt afgestemd,
het financiële gevolg van de afstemming,
indien van toepassing, de reden om af te wijken van de duur en hoogte van de afstemming die volgt uit deze verordening,
de zienswijze van de belanghebbende.
2. Met een besluit waarmee het recht op bijstand wordt afgestemd, wordt gelijkgesteld het besluit om daarvan af te zien op grond van dringende redenen conform artikel 2:2, eerste lid, onderdeel b. van deze verordening.