Naar hoofdinhoud
1. De mandaatregeling bevat in bijlage A een register waarin de bevoegdheden staan die aan het college en de burgemeester worden voorbehouden respectievelijk rechtstreeks door het college en de burgemeester worden gemandateerd. 2. 2a Het college en de burgemeester verlenen mandaat aan de 1ste functionaris, zijnde de algemeen directeur/gemeentesecretaris voor de algemene en bij zijn functie genoemde specifieke aangelegenheden, zoals bedoeld in bijlage B. Overeenkomstig artikel 4, tweede lid, van het Organisatiebesluit gemeente Leiden 2012, geven het college en de burgemeester de algemeen directeur/gemeentesecretaris tevens het mandaat tot vaststelling van het register bedoeld in Bijlage B. 3. De eerste (aangeduid als: 1ste ) functionaris die het mandaat van het college of de burgemeester ontvangen heeft, mandateert de in het vorige lid genoemde algemene aangelegenheden onder aan zowel de concerndirecteuren, afdelingsmanagers, teamleiders als unitleiders, met dien verstande dat in het register is aangegeven welke bevoegdheden aan welke van de hiervoor genoemde functionarissen zijn ondergemandateerd. 4. Een concerndirecteur en een afdelingsmanager kunnen, nadat hierover overleg heeft plaatsgevonden met hun direct leidinggevende, een op basis van het vorige lid aan een hun ondergeschikte verleend ondermandaat tijdelijk of permanent intrekken. Een dergelijk besluit wordt schriftelijk vastgelegd. 5. Het bestuursorgaan dat mandaat verleent, kan dit mandaat geheel of gedeeltelijk en al dan niet tijdelijk, intrekken. Een dergelijk besluit wordt schriftelijk vastgelegd. 6. Er kunnen in aanvulling of afwijking van het in deze mandaatregeling bepaalde, nadere voorwaarden worden verbonden aan het verlenen van mandaat of ondermandaat, waarbij een voorwaarde ook kan zijn dat één of meer van de in het derde lid genoemde functionarissen niet zijn ondergemandateerd. Indien er sprake is van voorwaarden, staat dit aangegeven in het register. 7. Mandaten worden verleend onder de voorwaarde dat de gemandateerde het bestuursorgaan dat mandaat heeft verleend op een adequate wijze informeert over het gebruik van de gemandateerde bevoegdheden. 8. Voor projecten en programma’s als bedoeld in het Organisatiebesluit 2012 kan de algemeen directeur/gemeentesecretaris rechtstreeks mandaten verlenen aan de ambtelijk opdrachtgever. Voorwaarde hiervoor is dat het moet gaan om identificeerbare budgetten of kredieten. Publiekrechtelijke bevoegdheden worden in beginsel niet gemandateerd aan een ambtelijk opdrachtgever. De ambtelijk opdrachtgever kan de bevoegdheden ondermandateren aan de projectmanager/programmamanager. 9. Het verlenen van mandaat en/of ondermandaat aan functionarissen die niet werkzaam zijn onder verantwoordelijkheid van de mandaatgever, blijft voorbehouden aan het bevoegd bestuursorgaan. 10. Niet naleving door een gemandateerde van het bepaalde in het negende lid doet in beginsel niet af aan de rechtsgeldigheid van de op grond van een in mandaat genomen beslissing, voor zover deze beslissing redelijkerwijs past binnen de mandaatverhouding. 11. 12. De directeuren van de instellingen zoals genoemd in artikel 3, vijfde lid, van het Organisatiebesluit gemeente Leiden 2012, worden in het kader van de Mandaatregeling Leiden 2012 gelijk gesteld aan een afdelingsmanager. De mandaatregeling bevat in bijlage C een overzicht van enkele reeds door de gemeenteraad van Leiden vastgestelde mandaten.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel