Naar hoofdinhoud

Artikel 7

De klachtencommissie

Onderdeel van Verordening klachtenprocedure ongewenste omgangsvormen 2005

1.. De klachtencommissie bestaat uit tenminste drie door burgemeester en wethouders benoemde leden, met inbegrip van een voorzitter en een plaatsvervangend voorzitter. 2.. Tot lid van de klachtencommissie zijn niet benoembaar: de leden van de raad van Zutphen; burgemeester en wethouders van Zutphen; ambtenaren, door of vanwege het gemeentebestuur van Zutphen aangesteld of daaraan ondergeschikt; zij die in dienst van de gemeente Zutphen op arbeidsovereenkomst naar burgerlijk recht werkzaam zijn. de vertrouwenspersoon. 3.. In de klachtencommissie heeft tenminste één vrouw en één man zitting. 4.. Het secretariaat van de commissie wordt bekleed door een door burgemeester en wethouders aan te wijzen ambtenaar. 5.. Burgemeester en wethouders dragen zorg voor de aanwezigheid van voldoende deskundigheid in de klachtencommissie over de problematiek van ongewenste omgangsvormen. 6.. Een lid van de klachtencommissie wordt vervangen, indien deze direct of indirect betrokken is of is geweest bij de ongewenste omgangsvormen waarover de klacht is ingediend. 7.. Indien klager bezwaren heeft tegen het onderzoek van de klacht door één of meerdere leden of de secretaris van de klachtencommissie, maakt klager dit aan burgemeester en wethouders kenbaar. 8.. Indien burgemeester en wethouders het bezwaar als bedoeld in het vorige lid gegrond achten, schakelen zij één of meer plaatsvervangend leden of een externe deskundige in.

Rechtspraak bij dit artikel