Voor de toepassing van dit reglement wordt verstaan onder:
medewerker:ambtenaar als bedoeld in artikel 1:1, lid 1, onderdeel a, van de Collectieve arbeidsvoorwaardenregeling sector gemeenten (CAR).
leidinggevende:de direct leidinggevende van de medewerker (coördinator, afdelingshoofd, directielid of portefeuillehouder) verantwoordelijk voor de ontwikkeling en beoordeling van de medewerker.
personele cyclus:een serie van drie formele momenten in een afgesproken beoordelingsperiode, bestaande uit resultaat- en ontwikkelingsafspraken, resultaatmeting en resultaatbeoordeling, die bijdragen aan het realiseren van de afdelings- en/of organisatiedoelen.
resultaat- en ontwikkelingsafspraken:afspraken over wat de medewerker moet bereiken (output) in de afgesproken beoordelingsperiode en welke kennis, vaardigheden of gedrag (niveau) de medewerker moet vertonen of ontwikkelen om tot de gewenste resultaten te komen.
resultaatmeting:evaluatie van het totaal van resultaat- en ontwikkelingsafspraken van de medewerker in de afgesproken beoordelingsperiode.
resultaatbeoordeling:oordeel over de resultaat- en ontwikkelingsafspraken in de afgesproken beoordelingsperiode.
beoordelingsperiode:tijdvak van minimaal 6 maanden waar de resultaatbeoordeling betrekking op heeft.