De omvang van het huishouden moet passen bij de grootte van de woonruimte.
Bij toepassing van het eerste lid wordt de volgende tabel voor de bepaling van de verhouding tussen het aantal leden van het huishouden en het daarbij ten hoogste toegestane aantal kamers van de woonruimte gehanteerd:
Omvang huishouden
Maximum kameraantal
Alleenstaande
3
2-persoonshuishouden zonder kind
3 of 4
3-persoonshuishouden (met 1 kind) of
eenoudergezin (met 1 kind)
3 of 4
4-persoonshuishouden (met 2 kinderen) of
eenoudergezin (met 2 kinderen)
4 of 5
5-persoonshuishouden (met 3 kinderen) of
eenoudergezin (met 3 kinderen)
4 of 5
grotere huishoudens
5 of meer
Indien er geen gegadigden zijn waarvan de huishoudgrootte passend is voor de te verhuren woonruimte, wordt de woonruimte ook passend geacht voor gegadigden met een andere huishoudgrootte.
Hoofdstuk 2 › Paragraaf 5
Artikel 17
Bezettingsnorm
Onderdeel van Huisvestingsverordening gemeente Oldebroek 1998