1. De belasting wordt geheven naar:
a. een vast bedrag voor percelen die in hoofdzaak tot woning dienen;
b. het aantal kubieke meters leiding- en grondwater dat naar het perceel wordt toegevoerd of opgepompt voor percelen die niet of niet in hoofdzaak tot woning dienen;
c. een percentage van de WOZ-waarde voor percelen die enkel regenwater afvoeren.
2. Voor een perceel als bedoeld in lid 1b wordt het aantal kubieke meters leiding- en grondwater gesteld op het aantal kubieke meters leiding- en grondwater dat in de laatste aan het begin van het belastingjaar voorafgaande verbruiksperiode naar het perceel is toegevoerd of opgepompt.
Als de verbruiksperiode niet gelijk is aan een periode van twaalf maanden, wordt de hoeveelheid water herrekend naar twaalf maanden. Daarbij wordt een gedeelte van een kalendermaand voor een volle maand gerekend.
3. De hoeveelheid water die is verkregen door middel van een pompinstallatie wordt vastgesteld aan de hand van een door de belastingplichtige in te vullen aangiftebiljet.
4. Als gebruik wordt gemaakt van een pompinstallatie, dan moet die installatie zijn voorzien van een:
a. watermeter, waarvan de hoeveelheid opgepompt water kan worden afgelezen, of
b. bedrijfsurenteller, waarvan het aantal uren dat een pompinstallatie met vaste capaciteit in bedrijf is geweest kan worden afgelezen.
De eerste volzin is niet van toepassing als vaststelling van de hoeveelheid opgepompt water plaatsvindt op grond van een andere wettelijke bepaling.
5. De volgens het tweede lid berekende hoeveelheid toegevoerd of opgepompt water wordt verminderd met de hoeveelheid water die niet is afgevoerd.
6. Voor een perceel als bedoeld in lid 1c is de waarde in het economische verkeer de volgens hoofdstuk IV van de Wet waardering onroerende zaken voor de onroerende zaak vastgestelde waarde, zoals deze voor het in artikel 6 bedoelde kalenderjaar geldt.
7. Als voor het perceel als bedoeld in lid 1c geen waarde volgens hoofdstuk IV van de Wet waardering onroerende zaken is vastgesteld, wordt de heffingsmaatstaf van dat perceel bepaald volgens het bepaalde in de artikelen 17, 18 en 20 tweede lid van de Wet waardering onroerende zaken.