Het college trekt een vaste standplaatsvergunning in:
op schriftelijk verzoek van de vergunninghouder;
bij overlijden van de vergunninghouder, tenzij op grond
van artikel 11 de vergunning wordt overgeschreven.
Het college kan een vaste standplaatsvergunning intrekken:
indien ter verkrijging daarvan onjuiste dan wel
onvolledige gegevens zijn verstrekt;
indien de vergunninghouder niet meer voldoet aan de in
artikel 7 genoemde vereisten,
indien de vergunninghouder niet voldoet aan het innemen
van zijn vaste standplaats als bedoeld in artikel
16.
Indien degene op wie een vergunning op grond van artikel 11 is
overgeschreven, al vergunning heeft voor een andere vaste
standplaats op dezelfde markt, wordt laatstgenoemde vergunning
ingetrokken.