De voorzieningen zoals genoemd in de artikelen 3, 4 en 5 worden toegekend aan personen die voldoen aan de voorwaarden zoals bedoeld in deze artikelen.
Als inkomen van aanvrager wordt aangemerkt het werkelijke netto-inkomen zonder enige vrijlating. De middelen zoals genoemd in artikel 31, tweede lid WWB en de langdurigheidstoeslag blijven buiten beschouwing.
Indien het vermogen van aanvrager meer bedraagt dan het vrij te laten vermogen zoals dat geldt voor de toepassing van WWB, wordt geen bijdrage verleend. Het vermogen in een eigen woning wordt buiten beschouwing gelaten indien het totaalbedrag van de verleende bijdragen op jaarbasis niet hoger is dan 1 maal de voor belanghebbende geldende bijstandsnorm per maand.
Hoofdstuk
Artikel 7
Toekenning en vaststelling van de hoogte van de bijdragen
Onderdeel van Minimaverordening Meedoen 2012