Naar hoofdinhoud

Artikel 1

Begripsomschrijving

Onderdeel van Regeling POP-gesprek gemeente Stichtse Vecht

Voor de toepassing van deze regeling wordt verstaan onder: Medewerker                              De ambtenaar in de zin van artikel 1:1 lid 1 sub a van de CAR/UWO. Direct leidinggevende                 De teamleider die is belast met de directe, dagelijkse aansturing van de medewerkers in een team, of de afdelingsmanager van de afdeling waartoe de functie van de teamleider behoort, of het directielid dat is belast met de aansturing van de afdelingsmanager. Beleidsadviseur                        De beleidsadviseur van het team P&O. POP-formulier                           Bij deze regeling hoort een POP-formulier voor de vastlegging van de afspraken. Individuele werkplan                  Het individuele werkplan bestaat uit de reguliere taken die behoren bij de functie. Daarnaast bevat het een vertaling van het afdelingswerkplan naar individueel niveau. In dit plan staan de concrete werkzaamheden, taken, verantwoordelijkheden en te behalen resultaten voor het komende jaar beschreven, waaronder ook projecten. Persoonlijk                               Een door de direct leidinggevende en de medewerker vastgelegd ontwikkelingsplan (POP)           en ondertekend geheel aan afspraken over de te ondernemen activiteiten van beide partijen in het kader van de ontwikkeling van de medewerker. Opleidingsnoodzaak                  Opleidingen die nodig zijn om medewerkers aan de (veranderende) eisen vanuit de omgeving en daarmee aan de veranderde behoeften van de organisatie te laten voldoen. Opleidingsbehoefte                   De behoeften, die medewerkers hebben om hun kennis en vaardigheden verder te ontwikkelen, dan wel een nieuw loopbaanpad in te slaan. Functioneren                             Het geheel aan prestaties, houding en gedrag van de medewerker tijdens de uitoefening van zijn functie. Hierbij kan een onderscheid gemaakt worden in: Functie-inhoud: het geheel aan werkzaamheden, waarmee de medewerker tijdens een functioneringstijdvak feitelijk is belast. Dit is een afgeleide van de functiebeschrijving en het individuele werkplan van de medewerker. Houding en gedrag: aspecten van de arbeidshouding en -gedrag die van belang zijn voor het oordeel over het functioneren van de medewerker. Dit is een afgeleide van de van toepassing zijnde competenties.

Rechtspraak bij dit artikel