Naar hoofdinhoud

Afdeling I

Artikel 1

Begripsbepalingen

Onderdeel van Aansluitverordening Gemeente Borger-Odoorn 1999

In deze verordening wordt verstaan onder: a. Aansluitleiding: de leiding lopend vanaf het particulier perceel, door het openbaar gebied, en aangesloten op het gemeentelijk rioolstelsel of het gemeentelijk drainagestelsel. b. Aansluitpunt: 1.het ontstoppingsstuk gelegen nabij de perceelgrens; 2.bij het ontbreken van een ontstoppingsstuk, de perceelgrens. c. Aansluiting: het daadwerkelijk koppelen van de particuliere afvoerleiding aan de perceelaansluitleiding. d. Particuliere afvoerleiding: de binnen de kadastrale eigendomsgrenzen van het aan te sluiten perceel gelegen binnen, buiten- of terreinleidingen tot aan het aansluitpunt. e. Perceelaansluitleiding: de leiding vanaf het aansluitpunt tot aan het openbaar riool, in beheer bij de gemeente. f. Bronneringswater: grondwater, onttrokken ten behoeve van tijdelijke verlaging van de grondwaterstand. g. Drukriool: het openbaar riool voor de afvoer van afvalwater, exclusief hemelwater, waarbij het transport door het riool plaats vindt door middel van met pompinstallaties veroorzaakte druk. h. Dwa-riool: het openbaar riool voor de afvoer van afvalwater, exclusief hemelwater. i. Gebruiker: de perceeleigenaar, de zakelijk gerechtigde van het perceel, of de huurder die gebruik maakt van aansluitingen op het openbaar riool. j. Gemengd stelsel: het openbaar riool voor de afvoer van afvalwater, inclusief hemelwater. k. Gescheiden stelsel: het openbaar riool met een buizenstelsel voor de afvoer van hemelwater, en een buizenstelsel voor de afvoer van het overige afvalwater. l. Hemelwatervoorziening: de voorzieningen voor de opvang en afvoer van hemelwater dat afstroomt van daken en andere als voldoende schoon aan te merken oppervlakken, anders dan een gescheiden stelsel. m. Openbaar riool: de stelsels voor de inzameling en afvoer van afvalwater en hemelwater, in eigendom en beheer bij de gemeente, met inbegrip van alle tot dit stelsel behorende voorzieningen zoals rioolgemalen, persleidingen en infiltratievoorzieningen, met uitzondering van de aansluitleidingen. n. Rechthebbende: de eigenaar, de vereniging van eigenaren of zakelijk gerechtigde van het perceel ten behoeve waarvan de aansluiting op het openbaar riool wordt gerealiseerd en in stand gehouden. o. Vergunninghouder: de rechthebbende ten behoeve waarvan door burgemeester en wethouders de op deze aansluitverordening gebaseerde aansluitvergunning is verleend.

Rechtspraak bij dit artikel