Naar hoofdinhoud

Afdeling II

Artikel 2

Vergunningplicht

Onderdeel van Aansluitverordening Gemeente Borger-Odoorn 1999

1.. Het is verboden zonder vergunning van burgemeester en wethouders een aansluiting op het openbaar riool tot stand te brengen of te wijzigen. 2.. Burgemeester en Wethouders verlenen uitsluitend een aansluitvergunning: voor de afvoer van afvalwater en hemelwater indien ter plaatse een gemengd stelsel aanwezig is; voor de afvoer van afvalwater zonder hemelwater naar het daarvoor bedoelde buizenstelsel, indien ter plaatse een gescheiden stelsel, drukriolering of een dwa-riool aanwezig is; voor de afvoer van hemelwater naar het daarvoor bedoelde buizenstelsel, indien ter plaatse een gescheiden stelsel of een hemelwatervoorziening aanwezig is. 3.. Indien voor meer dan één aansluiting op het openbaar riool een aansluitvergunning wordt aangevraagd, wordt hiervoor één vergunning verleend waarin alle aansluitingen afzonderlijk worden vermeld. 4.. In de vergunning kunnen voorschriften worden opgenomen met betrekking tot: a. het tot stand brengen van de aansluiting; het onderhoud, de renovatie en de vervanging van de perceelaansluitleiding; sloopwerkzaamheden op het perceel van de vergunningaanvrager; de periode waarvoor de vergunning wordt verleend indien het een tijdelijke aansluitingn betreft. 5.. Indien de vergunninghouder binnen een jaar na verlening van de aansluitvergunning geen verzoek heeft gedaan de aansluiting of wijziging van de aansluiting waarop die aansluitingvergunning betrekking heeft, uit te voeren, kunnen Burgemeester en Wethouders de aansluitvergunning intrekken. 6.. De vergunninghouder is ingeval van rechtsovergang verplicht binnen 2 weken aan burgemeester en wethouders schriftelijk mededeling te doen van naam en adres van de rechtsopvolger.

Rechtspraak bij dit artikel