Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 4

Participatieprocedure

Onderdeel van Inspraak- en participatieverordening Bernheze 2012

1. Het bestuursorgaan stelt voor elk onderwerp waarop participatie wordt verleend een procedure vast. Het bestuursorgaan maakt een gemotiveerde keuze uit de participatiecategorieën: informeren, raadpleging, advisering, coproductie, meebeslissen of zelf organiseren. 2. De participatieprocedure bevat ten minste: a. een omschrijving van het onderwerp van participatie, zoals bedoeld in artikel 2; b. een aanduiding van de kring van belanghebbenden, zoals bedoeld in artikel 3; c. de vermelding van de ambtelijke en bestuurlijke portefeuillehouder van de participatie. d. de rol van raad en college 3. In aanvulling op het tweede lid bevat deze procedure voor zover mogelijk: a. de randvoorwaarden, zoals bedoeld in artikel 1, aanhef en onder e; b. de wijze van vormgeving van het participatieproces; c. een tijdpad met termijnstelling; d. een communicatieparagraaf; e. een financiële paragraaf. 4. De in het tweede en derde lid genoemde onderdelen worden opgenomen in communicatieen burgerparticipatieparagraaf als onderdeel van het plan van aanpak/startnotitie van het desbetreffende project. 5. Het bestuursorgaan kan de procedure wijzigen in die gevallen waarin de vaststelling van het beleidsvoornemen zulks vereist. Het bestuursorgaan geeft hiervan overeenkomstig het gestelde in artikel 3:42 van de Algemene wet bestuursrecht schriftelijk kennis.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel