1.. Ondersteuning wordt geboden door het aanbieden van een plan van aanpak waarbij zonodig bepaalde instrumenten en/of voorzieningen worden ingezet, advies of praktische hulp wordt gegeven of een doorverwijzing plaatsvindt naar andere instanties.

2.. In geval een plan van aanpak met cliënt/uitkeringsgerechtigde wordt gesloten, wordt hiertoe een schriftelijke overeenkomst tussen het college en cliënt/uitkeringsgerechtigde gesloten.

3.. De in te zetten instrumenten en/of voorzieningen moet adequaat en toereikend zijn met het oog op het te behalen resultaat.

4.. Instrumenten en/of voorzieningen voor arbeidsinschakeling worden alleen ingezet indien het vinden van betaalde algemeen geaccepteerde arbeid op een andere wijze niet mogelijk blijkt.

5.. Het college kan een ingezet instrument en/of ingezette voorziening beëindigen:

  • - indien de cliënt/uitkeringsgerechtigde die aan de voorziening deelneemt zijn verplichtingen als bedoeld in artikel 9 van de WWB, artikel 37 van de IOAW of artikel 37 van de IOAZ niet nakomt.

-indien de cliënt/uitkeringsgerechtigde de afspraken zoals de gemaakt zijn in het plan van aanpak zoals bedoeld in lid 2 van dit artikel niet of onvolledig nakomt.

-indien de cliënt/uitkeringsgerechtigde algemeen geaccepteerde arbeid aanvaardt waarbij geen gebruik wordt gemaakt van een instrument en/of voorziening.

-indien het instrument en/of de voorziening naar het oordeel van het college onvoldoende bijdraagt aan een snelle arbeidsinschakeling.