Naar hoofdinhoud

Artikel 9

Effectenbezit

Onderdeel van Spaarloonverordening gemeente Vlissingen 1994

1.. Indien en voor zover een spaarbedrag, dat minder dan vier volle jaren heeft uitgestaan, wordt besteed voor belegging in effecten, worden effecten gelijkgesteld met de laatst op de spaarloonrekening bijgeschreven spaarbedragen. 2.. Om voor gelijkstelling als bedoeld in het eerste lid in aanmerking te komen dient tot aan het voor de belegging in effecten bestede bedrag, aan de volgende voorwaarden te zijn voldaan: de aan- en verkoop van effecten dient te geschieden door bemiddeling van de spaarinstelling; de spaarinstelling dient de effecten te bewaren; de effecten dienen onbezwaard deel uit te maken van het vermogen van de deelnemer; bij de verkoop van de effecten dient uit de opbrengst, mits deze toereikend is, onverwijld minimaal het voor de aankoop ervan bestede bedrag op de spaarloonrekening te worden teruggestort. 3.. Onder effecten in de zin van dit artikel wordt uitsluitend verstaan gewone op de Amsterdamse Effectenbeurs genoteerde aandelen en (converteerbare) obligaties. 4.. De opbrengsten van de effecten worden elk jaar door de spaarinstelling geboekt naar de vrije rekening van de deelnemer. 5.. Voor de transactiekosten die de spaarinstelling maakt in verband met de belegging in effecten, belast de spaarinstelling de spaarloonrekening van de deelnemer. 6.. Indien aan de voorwaarden, genoemd in het tweede lid, niet wordt voldaan, is op de in dit artikel bedoelde besteding van het spaarbedrag, het bepaalde in artikel 6 van toepassing.

Rechtspraak bij dit artikel