Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 3

Artikel 11

Artikel 11

Onderdeel van Maatregelenverordening Wet werk en bijstand

De hoogte en duur van de maatregel bij gedragingen genoemd in artikel 10 De maatregel wordt vastgesteld op: 10% van de bijstandsnorm gedurende een maand bij gedragingen van de eerste categorie; 20 % van de bijstandnorm gedurende een maand bij gedragingen van de tweede categorie; 40 % van de bijstandsnorm gedurende een maand bij gedragingen van de derde categorie; 100% van de bijstandnorm gedurende een maand bij gedragingen van de vierde categorie. In afwijking van de percentages genoemd in lid 1a kan een maatregel worden opgelegd ter hoogte van een lager percentage indien artikel 3 lid 2 van deze verordening daartoe aanleiding geeft. 2.De duur van de maatregel bedoeld in het eerste lid wordt verdubbeld, indien de belanghebbende zich binnen twaalf maanden na bekendmaking van het besluit waarbij een maatregel is opgelegd, opnieuw schuldig maakt aan een verwijtbare gedraging van dezelfde of hogere categorie. 3.De duur van de laatst opgelegde maatregel wordt nogmaals verdubbeld, indien de belanghebbende zich binnen twaalf maanden na bekendmaking van het besluit waarbij reeds sprake was van recidive, opnieuw schuldig maakt aan een verwijtbare gedraging van dezelfde of hogere categorie, bedoeld in artikel 10. 4.Voor de toepassing van het tweede en derde lid wordt het besluit waarbij een maatregel is opgelegd gelijkgesteld aan het besluit om daarvan af te zien op grond van dringende redenen, als bedoeld in artikel 6, tweede lid.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel