Naar hoofdinhoud
1.. per kalenderjaar dient de medewerker tenminste 4 maal het aantal voor hem geldende feitelijke arbeidsuren per week aan wettelijke vakantie-uren op te nemen in de vorm van vakantie als bedoeld in artikel 6:1 van de Collectieve arbeidsvoorwaardenregeling / Uitwerkingsovereenkomst. 2.. het overschot aan niet opgenomen niet-wettelijke vakantie-uren van de werknemer kan op 31 december van enig kalenderjaar maximaal de helft van het voor hem geldend aantal vakantie-uren bedragen, zoals genoemd in artikel 6:2 van de Collectieve arbeidsvoorwaardenregeling / Uitwerkingsovereenkomst. 3.. voor vakantie-uren, die in verband met het bepaalde in het eerste lid vanwege het dienstbelang niet konden worden opgenomen, wordt, na overleg met de medewerker, door de werkgever bepaald op welke wijze en binnen welke termijn deze alsnog moeten worden opgenomen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel