**1..** Voordat een (gedeelte van een) gebouw en terrein in gebruik
wordt genomen wordt in opdracht van het college na overleg met
het bevoegd gezag de staat van onderhoud opgemaakt.
**2..** Nadat het bevoegd gezag een (gedeelte van een) gebouw of terrein
niet meer nodig heeft voor de huisvesting van een school, wordt
het gebruik ervan zo spoedig mogelijk beëindigd, doch uiterlijk
op de datum genoemd in de door het college en het bevoegd gezag
ondertekende gezamenlijke akte of de datum zoals vastgesteld
door gedeputeerde staten bij de beslissing inzake een geschil
over de totstandkoming van een gezamenlijke akte.
**3..** Indien er, naar het oordeel van het college, mogelijk sprake is
van achterstallig onderhoud aan het gebouw of terrein bedoeld in
het eerste lid, dat tot de verantwoordelijkheid van het bevoegd
gezag behoort, wordt, voordat de eigendomsoverdracht plaats
vindt, een staat van onderhoud opgemaakt.
**4..** De staat van onderhoud wordt opgemaakt in opdracht van het
college na overleg met het bevoegd gezag.
**5..** Over de staat van onderhoud wordt overleg gevoerd met het
bevoegd gezag. In dat overleg wordt, indien van toepassing,
vastgesteld welk deel van het onderhoud alsnog door het bevoegd
gezag wordt uitgevoerd of welk bedrag in plaats daarvan aan het
college betaald wordt. Indien het overleg niet tot
overeenstemming leidt, stellen partijen vast welke handelwijze
gevolgd wordt.
**6..** Het opmaken van een staat van onderhoud blijft achterwege indien
dit naar het oordeel van het college niet nodig is.
**7..** Alle investeringen die een bevoegd gezag met voorafgegeven
schriftelijke toestemming van het college met eigen middelen in
het gebouw worden geïnventariseerd.
**8..** Uiterlijk drie maanden voor de lege oplevering van het
schoolgebouw en / of – terrein wordt door het bevoegd gezag
schriftelijk mededeling aan het college gedaan van de datum en
het tijdstip waarop de oplevering en de feitelijke overdracht
zal plaatsvinden, alsmede van de natuurlijke persoon die hierbij
namens het bevoegd gezag zal optreden.
**9..** Uiterlijk twee maanden voor het tijdstip waarop de overdracht
zal plaatsvinden, wordt door het bevoegd gezag van de school en
het college in gezamenlijk overleg de akte, als bedoeld in het
eerste lid, vastgesteld en ondertekend. Indien er sprake is van
een situatie als bedoeld in het tweede lid, wordt op hetzelfde
moment tevens de staat onderhoud, als bedoeld in het derde lid
opgemaakt. Indien er sprake is van eigen investeringen door het
bevoegd gezag als bedoeld in het zevende lid, wordt hiervoor een
afrekening opgesteld.
**10..** Het bevoegd gezag en het college kunnen vooraf overeenkomen dat
het bepaalde in lid 7 tot en met 8 niet van toepassing is.
**11..** Op het moment dat het bevoegd gezag het onderwijsgebruik
beëindigt van zogenaamde eigendomsscholen als bedoeld in artikel
205 van de Lager-onderwijswet 1920 en als bedoeld in artikel 126
van de Kleuteronderwijswet gelden de bepalingen die zijn
vastgelegd in het Besluit oude eigendoms- en huurscholen
WPO.
HOOFDSTUK 1 › Paragraaf 6
Artikel 37
Tijdstip aanvang en beëindiging gebruik; staat van onderhoud
Onderdeel van Verordening voorzieningen huisvesting onderwijs Rotterdam 2012