Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 1 › Paragraaf 1

Artikel 5

Informatieverstrekking

Onderdeel van Verordening voorzieningen huisvesting onderwijs Rotterdam 2012

1.. Het bevoegd gezag verstrekt aan het college gegevens die noodzakelijk zijn voor de uitvoering van het bepaalde in deze verordening. Bij de gegevensverstrekking wordt vanaf 2013 uitsluitend gebruik gemaakt van digitale formats via het Onderwijsloket. Voor het huisvestingsprogramma 2013 kan in uitzonderlijke gevallen na overleg tussen het schoolbestuur en de dienst JOS de huisvestingsaanvraag op papier worden ingediend. 2.. De in het eerste lid bedoelde gegevens worden onderscheiden in: basisgegevens, zijnde gegevens die eenmalig in hun geheel worden verstrekt en vervolgens alleen in geval van wijziging worden gemeld bij het college; periodieke gegevens, zijnde gegevens die regelmatig door het bevoegd gezag dienen te worden verstrekt; overige gegevens die nodig zijn voor de uitvoering van deze verordening. 3.. De in het tweede lid onder a genoemde basisgegevens omvatten: gegevens over het bevoegd gezag, bestaande uit naam, adres, denominatie en vestigingsplaats, alsmede een opgave van een contactpersoon inzake aangelegenheden aangaande de huisvesting; gegevens over de onder het beheer van het bevoegd gezag staande school of scholen die geheel of gedeeltelijk gehuisvest zijn in een gebouw gelegen in de gemeente, bestaande uit het brinnummer, naam, adres, onderwijssoort en eventuele onderwijsafdelingen en, voor zover van toepassing, de aanduiding of de school bestaat uit een hoofdvestiging met een of meer nevenvestigingen. gegevens over de bij de school of nevenvestiging in gebruik zijnde gebouwen gespecificeerd per gebouw, bestaande uit: het adres; de status van het gebouw zijnde hoofdgebouw of dislocatie; de bouwaard, zijnde permanent of noodlokaal; het bouwjaar; de bruto vloeroppervlakte van het gebouw uitgedrukt in m2; de genormeerde en feitelijke capaciteit van het gebouw voor zover bestemd voor een school voor basisonderwijs en een school voor (voortgezet) speciaal onderwijs, te bepalen aan de hand van het gestelde in bijlage III, deel A en B; een plattegrond van het gebouw; gegevens over de omvang van het medegebruik uitgedrukt in m2, te verstrekken door de hoofdgebruiker van het gebouw waarin het medegebruik plaatsvindt; gegevens over het adres, het stichtingsjaar en de oppervlakte van de oefenzaal indien het bevoegd gezag van een niet door de gemeente in stand gehouden school voor basisonderwijs, school voor (voortgezet) speciaal onderwijs of school voor voortgezet onderwijs eigenaar is van een gymnastiekruimte. 4.. De in het tweede lid onder b genoemde periodieke gegevens omvatten: een afschrift van de jaarlijkse opgave aan de minister van het aantal leerlingen dat op de wettelijke teldatum per locatie staat ingeschreven op de school, die geheel of gedeeltelijk gehuisvest is in een gebouw gelegen op het grondgebied van de gemeente; een afschrift van een tussentijdse opgave aan de minister van het aantal leerlingen dat staat ingeschreven op de school in verband met een wijziging van het aantal leerlingen; indien de school gedeeltelijk is gehuisvest in een of meer locaties op het grondgebied van de gemeente, een opgave van het aantal leerlingen op de wettelijke teldatum per locatie; de onder a en b vermelde gegevens worden door het bevoegd gezag tegelijk met de opgave aan de minister verstrekt aan het college; het bevoegd gezag van een school voor basisonderwijs, voortgezet onderwijs of een school voor (voortgezet) speciaal onderwijs verstrekt jaarlijks voor 1 februari voorafgaande aan het schooljaar een opgave van de voor dat schooljaar gewenste onderwijsgebruik van een gymnastiekruimte, omvattende: de gewenste omvang van het onderwijsgebruik uitgedrukt in een aantal klokuren; de aanduiding van de gymnastiekruimte of –ruimten waarin het gebruik wordt gewenst; de tijden waarop het onderwijsgebruik gedurende een schoolweek wordt gewenst. 5.. De in het tweede lid onder c genoemde gegevens omvatten in ieder geval: een oordeel over de juistheid en volledigheid van door het college voorgelegde gegevens die betrekking hebben op het bevoegd gezag; inlichtingen die noodzakelijk zijn voor het opmaken van de staat van het onderhoud als bedoeld in artikel 37; gegevens betreffende de onderhoudssituatie en de onderhoudsplanning van lesgebouwen en gymnastiekruimten; de gereedmelding van een op het programma onderwijshuisvesting in enig jaar toegekende voorziening, dan wel de melding van ingebruikneming of medegebruik van een voorziening. Het bevoegd gezag verstrekt deze gegevens binnen drie maanden na de datum van oplevering van de voorziening, dan wel de datum van ingebruikneming of medegebruik; de bouwvergunning, indien vereist. 6.. Het college kan nadere regels stellen aan de gegevensverstrekking en het college kan voor de gegevensverstrekking een formulier voorschrijven.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel