**1.** In een inrichting moeten voldoende kleine blustoestellen aanwezig zijn. Uitgangspunt hierbij is per 200 m2 gebruiksoppervlakte, 1 handbrandblusser met een blusequivalent van 6 kg bluspoeder.
**2.** Een blustoestel moet voor iedereen duidelijk zichtbaar en gemakkelijk bereikbaar zijn aangebracht, voor direct gebruik gereed zijn en in goede staat van onderhoud verkeren.
**3.** Een slanghaspel moet voldoen aan de norm NEN-EN 671-1 en moet onderhouden worden overeenkomstig de norm NEN-EN 671-3.
**4.** Een klein blustoestel moet zijn verzegeld en voorzien van een geldig Rijkskeurmerk met rangnummer en moet overeenkomstig de norm NEN 2559 worden onderhouden en gekeurd. Een blustoestel moet zijn voorzien van een label of sticker waarop de laatste controledatum is aangegeven.
**5.** Een klein blustoestel mag worden vervangen door een ander draagbaar blustoestel met een andere blusstof indien de bluscapaciteit en het toepassingsgebied ten minste gelijkwaardig zijn.
Hoofdstuk 1
Artikel 11
Blustoestellen
Onderdeel van Beleidsregel voor het gebruik van tijdelijke inrichtingen