Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk › Paragraaf 2

Artikel 4

Aanspraak op ondersteuning

Onderdeel van Reïntegratieverordening Wet werk en bijstand gemeenten Beek en Stein

1.. Uitkeringsgerechtigden, Anw-ers, Nuggers alsmede personen als bedoeld in artikel 10, tweede lid van de wet, hebben aanspraak op ondersteuning bij het vinden van algemeen geaccepteerde arbeid of als dat doel niet bereikbaar is, bij zelfstandige maatschappelijke participatie. Deze ondersteuning kan bestaan uit het aanbieden van een traject, waarbij zonodig voorzieningen kunnen worden ingezet, of door het bieden van praktische hulp, advies of doorverwijzing naar andere instanties. 2.. Het college doet een aanbod dat past binnen de criteria die gesteld zijn in deze verordening, het in artikel 3 genoemde beleidsplan en dat is afgestemd op de in de persoon gelegen factoren en/of omstandigheden. 3.. Het college kan voordat besloten wordt tot een traject en/of tot de inzet van voorzieningen een onderzoek (laten) doen naar de mogelijkheden van de belanghebbende en naar de geschiktheid voor hem van de voorzieningen of andere vormen van begeleiding. 4.. Geen aanspraak op ondersteuning bij arbeidsinschakeling hebben bovenbedoelde personen indien hun gezinsinkomen hoger is dan een jaarlijks vast te stellen bedrag. Dit bedrag wordt vastgelegd in het ‘Besluit nadere regels reïntegratievoorzieningen’. 5.. Geen aanspraak op ondersteuning bestaat indien sprake is van een voorliggende voorziening welke naar de mening van het college in voldoende mate bijdraagt aan de reïntegratie van de aanvrager. 6.. Het college kan een voorziening beëindigen: indien de persoon die aan de voorziening deelneemt de daaraan verbonden verplichtingen niet nakomt; indien de persoon die aan de voorziening deelneemt de daaraan verbonden verplichtingen niet nakomt; indien de persoon algemeen geaccepteerde arbeid aanvaardt, waarbij geen gebruik wordt gemaakt van deze voorziening; indien naar het oordeel van het college de voorziening onvoldoende bijdraagt aan een snelle arbeidsinschakeling. 7.. Indien achteraf blijkt dat een voorziening is toegekend op onjuiste of onvolledige inlichtingen kan het college de kosten van of de kosten gemaakt in verband met de toegekende voorziening, dan wel de subsidie, geheel of gedeeltelijk terugvorderen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel