**1..** Het college verstrekt aan uitkeringsgerechtigden die onbeloonde additionele werkzaamheden verrichten conform artikel 10a, zesde lid van de wet een premie.
Deze premie wordt jaarlijks vastgesteld en vastgelegd in het reïntegratiebleidsplan.
**2..** Het recht op een premie als bedoeld in het eerste lid wordt elke zes maanden beoordeeld.
**3..** De premie wordt geweigerd indien bij de beoordeling blijkt dat de belanghebbende de aan de onbeloonde additionele werkzaamheden verbonden verplichtingen in de voorgaande zes maanden heeft geschonden.
**4..** Onverminderd het eerste lid komen ook personen als bedoeld in artikel 7, derde lid van de wet voor een premie in aanmerking indien zij aan alle voorwaarden voldoen.
**5..** Van de organisatie waar de werkzaamheden uitgevoerd worden kan een bijdrage worden verlangd.
**6..** Binnen 6 maanden na aanvang van de onbeloonde additionele werkzaamheden wordt door het college bekeken in hoeverre scholing of opleiding kan bijdragen aan vergroting van de kans op inschakeling in het arbeidsproces.
**7..** Het college betrekt bij de hiervoor genoemde beoordeling:
het oordeel van degene in wiens opdracht de belanghebbende de additionele werkzaamheden uitvoert;
de scholingswens van betrokkene;
de mogelijkheden op de arbeidsmarkt.
Hoofdstuk › Paragraaf 2
Artikel 5
Participatieplaatsen
Onderdeel van Reïntegratieverordening Wet werk en bijstand gemeenten Beek en Stein