1. Indien een parkeervergunning is geweigerd op grond van het feit dat het vergunningenplafond van de betreffende zone is bereikt, wordt de aanvrager op een wachtlijst geplaatst. De aanvrager wordt van dit besluit in kennis gesteld.
2. De volgorde waarin de aanvrager op de wachtlijst wordt geplaatst is de volgorde van ontvangst van de volledige aanvraag.
3. De aanvrager wordt met kennisgeving aan de aanvrager van de wachtlijst verwijderd indien:
a. de aanvrager daarom verzoekt;
b. de aanvrager een parkeervergunning kan worden verleend;
c. blijkt dat bij de aanvraag van de parkeervergunning onjuiste of onvolledige gegevens zijn verstrekt en de verstrekking van de juiste of volledige gegevens niet tot plaatsing op de wachtlijst zou hebben geleid;
d. niet meer wordt voldaan aan de voorwaarden die aan de aangevraagde parkeervergunning zijn gesteld bij of krachtens deze verordening.