Indien het perceel door overmacht vóór het tijdstip van risico-overgang wordt beschadigd dan wel geheel of gedeeltelijk verloren gaat, is de erfpachtovereenkomst van rechtswege ontbonden tenzij binnen vier weken ná het onheil, maar in ieder geval vóór de overeengekomen datum van overdracht:
a. de erfpachter uitvoering van de erfpachtovereenkomst verlangt, in welk geval de gemeente aan de erfpachter op de overeengekomen datum van overdracht het perceel aflevert in de staat waarin het zich dan bevindt met alle rechten, uit welke hoofde ook, die de gemeente ter zake van het onheil jegens derden toekomen, dan wel
b. de gemeente verklaart de schade binnen 4 weken ná het onheil voor zijn rekening te zullen herstellen,
in welk geval de eerder overeengekomen datum van overdracht verschuift naar de dag volgend op die waarop de 4 weken zijn verstreken; vindt herstel binnen 4 weken niet ten genoegen van de erfpachter
plaats, dan is de overeenkomst alsnog ontbonden, tenzij de erfpachter binnen 14 dagen ná die 4 weken verklaart gebruik te willen maken van het hem onder sub a. toegekende recht, in welk geval de overdracht op de overeengekomen datum of uiterlijk 6 weken daarna plaatsvindt.
Hoofdstuk
Artikel 20
Overmacht en tenietgaan van het perceel
Onderdeel van Algemene Bepalingen voor uitgifte van onroerende zaken in erfpacht 2006