Indien sprake is van één gedraging die schending oplevert van meerdere in deze verordening genoemde verplichtingen, wordt één verlaging opgelegd. Voor het bepalen van de hoogte en duur van de verlaging wordt uitgegaan van de gedraging waarop de hoogste verlaging is gesteld.
Indien sprake is van meerdere gedragingen die schending opleveren van één of meerdere in deze verordening genoemde verplichtingen, wordt voor iedere gedraging een afzonderlijke verlaging opgelegd. Deze verlagingen worden gelijktijdig opgelegd, tenzij dit gelet op de ernst van de gedragingen, de mate van verwijtbaarheid en de omstandigheden van de belanghebbende niet verantwoord is.
Bij een samenloop van verlagingen waardoor de totale verlaging meer dan 100% van de bijstandsnorm bedraagt, wordt de duur van de periode van de verlaging telkens verlengd met een extra maand totdat de verlaging in de laatste maand van de verlagingsperiode niet méér bedraagt dan 100% van de bijstandsverlening per maand.
Indien de totale verlaging meer bedraagt dan 50% van de bijstandsnorm per maand en de duur van de periode van de verlaging is langer dan drie maanden, dan wordt, onverminderd artikel 7, vierde lid van deze verordening, na drie maanden de verlaging (per maand) gewijzigd naar 50% van de bijstandsnorm voor de resterende duur van de verlagingsperiode. [ Voor artikel 7 vierde lid dient gelezen te worden artikel 7 vijfde lid ]
Hoofdstuk
Artikel 14
Samenloop van gedragingen
Onderdeel van Afstemmingsverordening socialezekerheidswetten Stadskanaal 2013