De adviseur stelt een onderzoek in naar:
de vraag of sprake is van nadeel dat verzoeker heeft geleden als gevolg van rechtmatige besluiten over en/of rechtmatige handelingen in een project;
de omvang van het nadeel;
de vraag of sprake is van normaal maatschappelijk risico of normaal ondernemersrisico als bedoeld in artikel 5 en zo nee, of en zo ja, in hoeverre het nadeel redelijkerwijs niet of niet geheel ten laste van de verzoeker behoort te blijven;
de vraag of de vergoeding van het nadeel niet of niet voldoende op andere wijze wordt gewaarborgd;
de vraag of en in hoeverre er aanleiding bestaat om een bijdrage in de deskundigenkosten toe te kennen.
Het college stelt aan de adviseur alle op de aanvraag betrekking hebbende informatie, alsmede de voor de beoordeling daarvan naar het oordeel van de adviseur noodzakelijke bescheiden ter beschikking.
Onverminderd het bepaalde in artikel 3, vierde lid, verschaft de verzoeker de adviseur binnen een door hem te stellen redelijke termijn alle gegevens en bescheiden die de adviseur nodig heeft voor de uitvoering van zijn taak en waarover de verzoeker redelijkerwijs kan beschikken.
De adviseur kan inlichtingen inwinnen bij derden. Hieronder valt het recht om een externe deskundige in te schakelen bij de beoordeling van het verzoek.