Naar hoofdinhoud

Artikel 5

De nadeelcompensatie

Onderdeel van Nadeelcompensatieverordening Uithoorn 2012

Schade die binnen het normale maatschappelijk risico of het normale ondernemersrisico valt wordt niet vergoed. In ieder geval blijft voor rekening van de verzoeker: bij schade in de vorm van inkomstenderving: een gedeelte gelijk aan twintig procent van het inkomen, dat over de periode van drie jaren onmiddellijk voorafgaande aan de schadeoorzaak gemiddeld per jaar is behaald; bij schade in de vorm van vermogensschade (waardevermindering onroerende zaak daaronder begrepen) door de schadeoorzaak: een gedeelte gelijk aan twintig procent van het vermogen. Indien de nadeelcompensatie niet in geld, maar anderszins plaatsvindt, zal de waarde van de compensatie nooit hoger zijn dan het bedrag in geld, waarop de verzoeker aanspraak had kunnen maken. Na toekenning van nadeelcompensatie kan het college op advies van de adviseur aan de verzoeker die daarom heeft verzocht tevens een bijdrage toekennen in de redelijkerwijs door hem gemaakte kosten ter zake van door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand of andere deskundige bijstand, dienend om het verzoek correct en volledig te kunnen indienen en/of toelichten. Indien en voor zover het verzoek wordt toegewezen, kent het college een vergoeding toe van de wettelijke rente over de toegekende nadeelcompensatie. Deze rente wordt vergoed vanaf de datum van ontvangst van het verzoek, of indien de schade op een later tijdstip ontstaat, vanaf dat tijdstip. Er wordt geen wettelijke rente vergoed over een eerder uitbetaald voorschot. Schade ten gevolge van een schadeoorzaak als bedoeld in artikel 2, eerste lid, die voor de belanghebbende redelijkerwijs voorzienbaar was ten tijde van de beslissing om te investeren in het geschade belang wordt niet vergoed. De in lid 6 bedoelde voorzienbaarheid kan onder meer betrekking hebben op de aard van een schadeoorzaak als bedoeld in artikel 2, eerste lid, op het tijdstip waarop deze schadeoorzaak zijn werking doet gevoelen, op de plaats waarop ze betrekking heeft, op de wijze van voltrekken of uitvoering daarvan, alsmede op de aard en omvang van de daardoor veroorzaakte schade. Geen vergoeding wordt toegekend indien de verzoeker heeft nagelaten zijn belang te verwezenlijken toen hij daartoe redelijkerwijs in de gelegenheid was, terwijl hij redelijkerwijs kon voorzien dat een maatregel genomen zou worden die aan dat realiseren in de weg zou komen te staan. Heeft verzoeker nagelaten redelijke maatregelen ter voorkoming en beperking van schade te nemen, dan blijft de schade die door het treffen van zodanige maatregelen voorkomen of beperkt had kunnen worden, ten laste van verzoeker. De redelijke kosten van maatregelen ter voorkoming of beperking van schade behoren tot de te vergoeden schade. Indien een schadeveroorzakende gebeurtenis als bedoeld in artikel 2, lid 1 tevens voordeel voor de benadeelde heeft opgeleverd, wordt dit bij de vaststelling van de te vergoeden schade in aanmerking genomen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel