**1..** Indien de belanghebbende, niet zijnde een schoolverlater als bedoeld in artikel 6, geen aantoonbare eigenaarslasten van de zelfbewoonde woning, (onder)huurlasten of kosten heeft die voortvloeien uit een kostgangersovereenkomst, verlagen burgemeester en wethouders de toeslag zodanig, dat de belanghebbende alleen de beschikking heeft over de van toepassing zijnde bijstandsnorm, vermeld in artikel 21 onder a of b van de Wwb dan wel 80% van het bedrag vermeld in artikel 21 onder c van de Wwb.
**2..** Het eerste lid is niet van toepassing op degene die daadwerkelijk inwonend is bij zijn ouder(s) of bij zijn kinderen.
**3..** Indien kosten worden gedeeld met een derde die niet het hoofdverblijf heeft in dezelfde woning, waardoor de belanghebbende lagere algemene kosten van bestaan heeft dan waarin de norm of de toeslag voorziet, wordt de toeslag als bedoeld in artikel 3, vastgesteld op 10% van het in artikel 21 onder c van de Wwb genoemde bedrag.
HOOFDSTUK 2
Artikel 6
Specifieke woonsituaties
Onderdeel van Verordening toeslagen en verlagingen Wwb en WIJ