Deze verordening verstaat onder:

  • - markt: de wekelijkse warenmarkt welke de daartoe door het college van burgemeester en wethouders aangewezen plaats, dag en tijd wordt gehouden;
  • - standplaats: een aan de belastingplichtige ter beschikking gestelde plaats op de markt;
  • - vaste plaats: een standplaats die tot wederopzeggens ter beschikking wordt gesteld aan de vergunninghouder;
  • - seizoenplaats: een standplaats waarop tijdens een gedeelte van het jaar seizoengebonden producten worden verkocht;
  • - dagplaats: een standplaats, niet zijnde een vaste standplaats;
  • - vergunninghouder: degene aan wie door of namens het college van burgemeester en wethouders vergunning is verleend voor het innemen van een standplaats;
  • - oppervlakte van de standplaats: de breedte van de standplaats vermenigvuldigd met een standaarddiepte van 4 m1.