1.. Indien belanghebbende naar het oordeel van het college tekortschietend besef van verantwoordelijkheid betoont

voor de voorziening in het bestaan dan wel de uit de wet voortvloeiende verplichtingen niet of onvoldoende

nakomt, waaronder begrepen het zich jegens het college zeer ernstig misdragen, wordt overeenkomstig deze

verordening een maatregel opgelegd.

2.. Onder de uit de wet voortvloeiende verplichtingen wordt niet verstaan de inlichtingenplicht als bedoeld in artikel 17,

lid1, van de WWB, artikel 13, lid 1, van de Wet IOAW / IOAZ dan wel artikel 30c, lid 2 en lid 3, van de Wet

structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen.

3.. Een maatregel wordt afgestemd op de ernst van de gedraging, de mate waarin belanghebbende de gedraging

kan worden verweten en de omstandigheden waarin hij verkeert.

4.. Indien belanghebbende zich al eerder schuldig heeft gemaakt aan maatregelwaardige gedragingen wordt bij

de bepaling van de zwaarte van de maatregel hiermee rekening gehouden.