1.. Voordat een maatregel wordt opgelegd, wordt belanghebbende in de gelegenheid gesteld zijn zienswijze naar

voren te brengen.

2.. Het horen van belanghebbende kan achterwege worden gelaten indien:

  • - de vereiste spoed zich daartegen verzet;
  • - belanghebbende reeds eerder in de gelegenheid is gesteld zijn zienswijze naar voren te brengen en

    sindsdien zich geen nieuwe feiten of omstandigheden hebben voorgedaan;

  • - het college het horen niet nodig acht voor het vaststellen van de ernst van de gedraging of de mate van

    verwijtbaarheid.