Aan de ambtenaar ingedeeld in de salarisschalen 1 tot en met 8 en die buiten de werktijdenregeling als bedoeld in artikel 4:1 en 4:2 van de CAR/UWO zich regelmatig bereikbaar en beschikbaar moet houden teneinde bij oproep arbeid te gaan verrichten, wordt een toelage toegekend.
De toelage als bedoeld in het eerste lid, bedraagt voor de gladheidsbestrijding € 145,91 bruto per volledige kalenderweek en voor het varen naar Fortmond bij hoog water € 105,07 bruto per volledige kalenderweek.
De bedragen als bedoeld in het tweede lid, hebben als peildatum: 1 april 2012. Aanpassing van de hoogte van de toelagen als bedoeld in het tweede lid vindt gelijktijdig plaats met de algemene salarisherzieningen sector Gemeenten.
De op basis van het tweede lid berekende toelage wordt verhoogd met een overwerkvergoeding over de werkelijk gewerkte uren overeenkomstig artikel 3:2 van de CAR/UWO.
Piketregeling rampenbestrijding
Aan de ambtenaar aan wie piketdienst wordt opdragen, wordt een vergoeding toegekend:
voor elke verrichte weekdienst (maandag 8.00 uur tot vrijdag 17.00 uur): 2% van het eigen salaris bij een volledig dienstverband;
voor elke verrichte weekenddienst ( vrijdag 17.00 uur tot maandag 8.00 uur): 2% van het eigen salaris bij een volledig dienstverband;
boven de 4% vergoeding wordt aan de ambtenaar bij een week- en weekenddienst samen een extra vergoeding per maand toegekend over het eigen salaris bij een volledig dienstverband: bij een frequentie piketdienst van 1 x per vier weken: 4,14% en bij een frequentie van 1 x per zes weken: 2,76%. Indien de ambtenaar is ingedeeld in alleen week- of weekenddienst wordt het bovengenoemde percentage gehalveerd.
Indien de ambtenaar gedurende de piketdienst daadwerkelijk werkzaamheden buiten de vastgestelde werktijden van de reguliere functie moet verrichten, geldt de overwerkvergoeding van de CAR/UWO
Bij tenminste 60 kalenderdagen piket in een periode van twaalf maanden bestaat recht op 14,4 uren extra verlof.
Piketdienst wordt uitsluitend opgedragen aan een ambtenaar die 100% arbeidsgeschikt is. Ziekte wordt tijdig gemeld aan de betreffende coördinator én leidinggevende.
Indien de ambtenaar aangeeft dat hij tijdelijk op vrijwillige basis geen piketdienst wil verrichten, terwijl hij wel 100% arbeidsgeschikt is, heeft hij geen recht op de gehele piketvergoeding. Evenmin heeft de ambtenaar recht op een vergoeding voor de betreffende dienst als hij niet voldoet aan de opkomstplicht na alarmering. Het maandelijkse opslagpercentage wordt in dit laatste geval wel uitbetaald.
Ambtenaren belast met piketdienst mogen in onderling overleg hun diensten ruilen, zonder dat dit gevolgen heeft voor de vergoeding. Van ruilen wordt altijd vooraf mededeling gedaan aan de betreffende coördinator van de piketdienst. De coördinator heeft de mogelijkheid om de ruiling in het belang van de dienst te weigeren.
De ambtenaar, die incidenteel als vervanger daadwerkelijk piketdienst verricht, ontvangt daarvoor een vergoeding in geld:
bij een volledige weekdienst 2% van het eigen salaris bij een volledig dienstverband;
bij een volledige weekenddienst 2% van het eigen salaris bij een volledig dienstverband;
voor een incidentele werkdag vallende in een weekdienst 1 uur van het eigen salaris bij een volledig dienstverband;
voor elke feestdag, als bedoeld in artikel 4:2:1, lid 3 van de CAR/UWO vallende in een weekdienst 1 uur van het eigen salaris bij een volledig dienstverband;
voor een zaterdag of zondag, vallende in een weekenddienst vier uur van het eigen salaris bij een volledig dienstverband,
Afbouw bij ziekte of reorganisatie
Indien als gevolg van reorganisatie de piketdienst wordt beëindigd of de ambtenaar op medische gronden niet langer piketdienst kan of mag verrichten, wordt de uitbetaling van de laatstelijk genoten vergoeding voortgezet, met eventuele beperkingen in duur of hoogte, overeenkomstig het bepaalde in de volgende leden;
Indien de ambtenaar aan wie piketdienst is opgedragen ziek wordt, blijft hij gedurende 3 x de gebruikelijke frequentie zijn vergoeding houden. Is de ambtenaar nadien nog niet 100% hersteld dan wordt de uitbetaling van de laatstelijk genoten vergoeding voortgezet, met eventuele beperkingen in duur en hoogte, overeenkomstig het bepaalde in de volgende leden.
Aan de ambtenaar bedoeld in lid 12 en 13, wordt een uitkering toegekend gedurende een tijdvak gelijk aan een zesde deel van de tijd gedurende welke hij met piketdienst belast is geweest.
De berekende duur van de uitkering wordt op een volle maand naar boven afgerond. De duur van de uitkering is niet langer dan twee jaren.
De uitkering als bedoeld in lid 14 bedraagt gedurende de eerste acht maanden(1/3 deel uitkeringsduur) 75%, gedurende de daarop volgende acht maanden(1/3 deel uitkeringsduur) 50% en vervolgens acht maanden(1/3 deel uitkeringsduur) 25% van de hem laatstelijk uitbetaalde vergoeding als bedoeld in de leden 5, 8, 9 en 10.
Indien om redenen van dienstbelang de frequentie van de piketdienst wordt verminderd zijn de leden 14 en 15 van overeenkomstige toepassing op het verschil in vergoeding.
Hoofdstuk
Artikel 14
Toelage bereikbaarheids- en beschikbaarheidsdiensten
Onderdeel van BEZOLDIGINGSVERORDENING GEMEENTE OLST-WIJHE 2012