**1..** De verlaging bedoeld in artikel 34 van de wet bedraagt:
20 procent van de gehuwdennorm indien het een jongere van 21
jaar betreft;
10 procent van de gehuwdennorm indien het een jongere van 22
jaar betreft.
**2..** In afwijking van lid 1 wordt de verlaging vastgesteld op de hoogte
van de op grond van artikel 3 toegekende toeslag, indien deze toeslag
minder bedraagt dan de verlaging waartoe toepassing van lid 1 zou
leiden.
Hoofdstuk 3
Artikel 6
Verlaging toeslag alleenstaanden van 21 en 22 jaar
Onderdeel van Toeslagenverordening Wet investeren in jongeren Zaanstad 2009