**1..** Indien houtopstand waarop het verbod tot vellen als bedoeld in
deze afdeling van toepassing is, zonder vergunning van het
bevoegd gezag is geveld dan wel op andere wijze tenietgegaan,
kan het bevoegd gezag aan de zakelijk gerechtigde van de grond
waarop zich de houtopstand bevond dan wel aan degene die uit
anderen hoofde tot het treffen van voorzieningen bevoegd is, de
verplichting opleggen te herbeplanten overeenkomstig de door
zijn te geven aanwijzingen binnen een door hen te stellen
termijn.
**2..** Wordt een verplichting als bedoeld in het eerste lid
opgelegd, dan kan daarbij worden bepaald binnen welke termijn na
de herbeplanting en op welke wijze niet geslaagde beplanting
moet worden vervangen.
**3..** Indien houtopstand waarop het verbod tot vellen als
bedoeld in deze afdeling van toepassing is, ernstig in het
voortbestaan wordt bedreigd, kan het bevoegd gezag aan de
zakelijk gerechtigde van de grond waarop zich de houtopstand
bevindt dan wel aan degene die uit anderen hoofde tot het
treffen van voorzieningen bevoegd is, de verplichting opleggen
om overeenkomstig de door hem te geven aanwijzingen binnen een
door hen te stellen termijn voorzieningen te treffen, waardoor
die bedreiging wordt weggenomen.
**4..** Degene aan wie een verplichting als bedoeld in het eerste
tot en met derde lid is opgelegd, alsmede zijn rechtsopvolger,
is verplicht daaraan te voldoen.
Hoofdstuk 11 › Afdeling 2:
Artikel 11.2.6
Herplant-/instandhoudingsplicht
Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening 2006