Naar hoofdinhoud

Artikel 6.3

Herziening en intrekking van een voorziening

Onderdeel van Verordening individuele voorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente Eindhoven (2013)

De verstrekking van individuele voorzieningen is gebonden aan voorwaarden. Het is belangrijk dat de belanghebbende weet aan welke voorwaarden hij moet voldoen, door deze duidelijk te vermelden in een beschikking. Mocht er sprake zijn van een, om wat voor reden dan ook, ten onrechte toegekende voorziening, dan vergemakkelijkt een duidelijke formulering in de beschikking een eventuele beëindiging of terugvordering van (het recht op) een voorziening, omdat de betrokkene zich dan niet kan beroepen op onbekendheid met de feiten. Intrekking is o.a. ook mogelijk, als de belanghebbende in gebreke blijft zijn eigen bijdrage binnen de gestelde termijn te voldoen en na aanmaning te voldoen of indien de aanvrager blijkt recht te hebben op vergoedingen of verstrekkingen van derden. Als de belanghebbende deze voorwaarden niet nakomt kan het college haar toekenningsbesluit geheel of gedeeltelijk intrekken. De eigen bijdrage is afhankelijk van de financiële draagkracht van belanghebbende. Tegen een besluit tot oplegging van een eigen bijdrage kan belanghebbende bezwaar en beroep aantekenen. Tekent hij geen bezwaar en beroep aan binnen de daarvoor staande termijn dan, gaat hij (in juridische zin) akkoord met de opgelegde bijdrage. De verschuldigde eigen bijdrage moet hij dan betalen. Kan hij de eigen bijdrage onverhoopt niet betalen dan kan hij verzoeken om: herberekening van de eigen bijdrage, bekend onder de term ‘verlegging peiljaar’; een betalingsregeling; uitstel van betaling; een minnelijke schuldsaneringsregeling en zo nodig; een wettelijke schuldsaneringsregeling, dan wordt de vordering ‘bevroren‘ en bij een geslaagd schuldsaneringstraject (geheel of gedeeltelijk) kwijt gescholden. De spelregels zijn (landelijk) wettelijk geregeld. Pas als belanghebbende geen gebruik heeft gemaakt van minimaal één van de hiervoor opgesomde instrumenten, zal het eerdere besluit worden herzien/ingetrokken om te voorkomen dat de schuld van belanghebbende oploopt. Van herziening/intrekking en terugvordering (art 6.4) van een Wmo-voorziening wegens het niet betalen van de eigen bijdrage zal dus slechts sprake kunnen zijn in die situaties, waarbij duidelijk is dat belanghebbende de eigen bijdrage wel kan betalen, maar het willens en wetens niet doet en er geen omstandigheden zijn die het rechtvaardigen om van terugvordering af te zien. Een ander voorbeeld is verhuizing naar een andere gemeente. Het recht op voorziening vervalt en daarmee het recht op die voorziening. In dat geval kan het college haar besluit intrekken danwel geheel of gedeeltelijk herzien en het niet bestede (deel) PGB of financiële tegemoetkoming of de resterende afschrijvingswaarde van het hulpmiddelen terugvorderen. De terugvorderingsgrondslag is geregeld in artikel 6.4 van deze verordening (zie ook de toelichting op artikel 6.4 van deze verordening)

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel