Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 5:2

Verplichtingen herplaatsingskandidaat

Onderdeel van Sociaal statuut

Lid 1 De herplaatsingskandidaat is in ieder geval verplicht: mee te werken aan het verkrijgen van een passende of geschikte functie binnen of buiten de organisatie, dan wel aan het realiseren van alternatieve oplossingen en daarbij een actieve en positieve opstelling te tonen; mee te werken aan psychologisch onderzoek, belangstellingsregistr atie en eventueel een beroepskeuzetest, potentieel onderzoek etc. met als doel het verkrijgen van beter inzicht in de wensen en de mogelijkheden van de herplaatsingskandidaat om het herplaatsingsproces succesvol te kunnen afronden; mee te werken aan om-, her- en bijscholing; een passende functie te aanvaarden die hem met inachtneming van de plaatsingsprocedure is toegewezen, onverminderd bezwaar of beroep. tijdelijk passend werk te verrichten in de vorm van een stage of een detachering; de werkgever actief te informeren over ten minste zijn inspanningen en andere verplichtingen in het kader van dit Sociaal Statuut. Lid 2 Wanneer de medewerker na herhaald en zorgvuldig overleg weigert een passende of geschikte functie te aanvaarden of niet actief meewerkt aan het vinden van een oplossing kan het college overgaan tot ontslag. Daarbij kan het college melding maken bij de instelling die de Werkloosheidswet uitvoert, dat de betreffende medewerker weigert een passende functie te aanvaarden of niet meewerkt aan het vinden van een oplossing als bedoeld in het tweede lid van artikel 5:3.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel