**1.** De bepalingen van dit hoofdstuk over bestemmingsplannen, bedoeld in artikel 3.1 van de Wet ruimtelijke ordening, zijn van overeenkomstige toepassing op:
beheersverordeningen, bedoeld in artikel 3.38 van de Wet ruimtelijke ordening;
projectbesluiten, bedoeld in artikel 3.10 van de Wet ruimtelijke ordening; en
wijzigings- of uitwerkingsplannen, bedoeld in artikel 3.6, eerste lid, onder a en b, van de Wet ruimtelijke ordening.
**2.** Voor zover in de bepalingen van dit hoofdstuk eisen worden gesteld aan de toelichting op een bestemmingsplan, zijn de bepalingen van overeenkomstige toepassing op de ruimtelijke onderbouwing van een projectbesluit.
Hoofdstuk › Paragraaf
Artikel 4.2
Toepasselijkheid
Onderdeel van Omgevingsverordening provincie Groningen 2009