In deze verordening wordt verstaan onder:
- - peuterspeelzaalwerk: het bieden van speelgelegenheid aan kinderen van twee en een half tot vier jaar gedurende een of meer dagdelen per week van maximaal 3 uur met als doel de ontwikkeling van deze kinderen te bevorderen en hen samen te laten spelen;
- - peuterspeelzaal: een voorziening waar peuterspeelzaalwerk plaatsvindt;
- - houder: degene die een peuterspeelzaal exploiteert;
- - beroepskracht: degene die in een peuterspeelzaal werkzaamheden verricht die zijn opgenomen in de voor het peuterspeelzaalwerk geldende CAO en die beschikt over een voor deze werkzaamheden passende beroepskwalificaties;
- - begeleider/vrijwilliger: degene die anders dan als beroepskracht is belast met de begeleiding van kinderen bij een peuterspeelzaal.