Naar hoofdinhoud
Artikel 4 van de Verordening bepaalt dat een gesprek aangevraagd wordt middels een aanmelding. Als deze aanmelding is gedaan dient binnen 5 werkdagen een afspraak voor het gesprek gemaakt te worden. Dit is van belang, omdat de belanghebbende het gevoel dient te hebben serieus genomen te worden. Een vlotte afspraak duidt daar (onder andere) op. Het doel van het gesprek is het vaststellen van de ondersteuningsbehoefte met het oog op één of meer te bereiken resultaten en de oplossingen die daarbij passen. In dit gesprek worden eigen mogelijkheden, inzet van het sociaalnetwerk maar ook (wettelijk) voorliggende, de algemene en algemeen gebruikelijke voorzieningen, geïnventariseerd welke passend zijn om de problemen te compenseren en de resultaten te behalen. Indien deze oplossingen niet toereikend zijn, wordt daarna gekeken naar oplossingen in de vorm van collectieve of individuele voorzieningen. Het gesprek kan dus leiden tot een formele aanvraag, maar als andere oplossingen in voldoende mate compenseren volgt er geen aanvraag voor een individuele voorziening. Het gaat er dus niet om waar de burger recht op heeft, maar wel om te voorzien in de beste compenserende oplossing. Om een gesprek kan verzocht worden door een burger met beperkingen, zijn wettelijk vertegenwoordiger, als ook door een mantelzorger. Indien de aanmelding gedaan is door een wettelijk vertegenwoordiger of een mantelzorger, dan zal het gesprek met de wettelijk vertegenwoordiger of mantelzorger, en zo mogelijk ook met degene namens wie de aanmelding is gedaan, gevoerd worden. Ook een vrijwilliger kan belanghebbende ondersteunen bij het gesprek. Een gespreksvoerder dient op een professionele, methodische manier de persoonskenmerken van de cliënt en diens behoefte aan ondersteuning te inventariseren als ook de mogelijke oplossingen, met kennis van de verordening, de sociale kaart en met creativiteit in het vinden van domeinoverstijgende oplossingen. In beginsel vindt er dus een gesprek plaats voordat er sprake is van een formele aanvraag. Het college kan beoordelen (Verordening art. 3.2) dat een gesprek niet noodzakelijk is en een individuele voorziening rechtstreeks aangevraagd kan worden. Als er sprake is van zelfindicatie of een indicatie middels mandaat, kan dit toereikend zijn om de beoogde resultaten te behalen en een oplossing te bieden voor de ondersteuningsvraag van betrokkene. De inventarisatie kan tevens via de eigenkrachtwijzer of sociaalwerker worden verricht. Inhoud gesprek Tijdens het gesprek wordt – geheel uitgaande van degene die aangeeft behoefte te hebben aan compensatie- een, zo compleet mogelijke, inventarisatie gemaakt. Deze inventarisatie heeft nadrukkelijk het startpunt bij de belanghebbende en omvat: De beperking, het somatische, psychiatrische, psychogeriatrische aandoening of stoornis, een verstandelijke, lichamelijke of zintuiglijke handicap dat leidt tot een participatieprobleem op één van de vijf resultaten en valt onder de compensatieplicht zoals beschreven in de wet artikel 4. De mogelijkheden die de belanghebbende ondanks dit probleem heeft. De onmogelijkheden die de belanghebbende ondervindt als gevolg van het ondervonden probleem of de ondervonden problemen. De resultaten die belanghebbende wil bereiken op de verschillende in deze verordening weergegeven terreinen. Hetgeen belanghebbende inmiddels zelf heeft gedaan om bestaande belemmeringen op te lossen. De mogelijkheden die belanghebbende heeft om deze resultaten via wettelijk voorliggende voorzieningen, algemene voorzieningen of via algemeen gebruikelijke voorzieningen te bereiken. De mogelijkheden die de gemeente in principe biedt om de problemen via een individuele voorziening op te lossen in de vorm van een individuele of een collectieve toepassing. Waar wordt gesprek gevoerd Het gesprek kan bij de belanghebbende thuis worden gevoerd. Er is een aantal argumenten aan te voeren waarom dit de meest geschikte plek is: het is de vertrouwde omgeving van belanghebbende, een professional kan zich makkelijker aanpassen aan wisselende plaatsen dan een niet-professional, het kan relevant zijn de leefomgeving van de belanghebbende te zien om de loop van het gesprek beter te begrijpen, enz. Ook is het mogelijk het gesprek te houden op het kantoor van degene die als professional aan het gesprek deelneemt. Hiervoor kan worden gekozen als bijvoorbeeld in de thuissituatie door  omstandigheden een gesprek niet mogelijk of uiterst ingewikkeld is. Verder is het mogelijk dat de belanghebbende aangeeft het gesprek liever elders te voeren. Dat zou kunnen zijn bij een vertrouwenspersoon of een naast familielid. Het gesprek wordt gevoerd aan de hand van een lijst van te bespreken punten die tegelijk met de bevestiging van de afspraak voor het gesprek aan belanghebbende wordt toegezonden. Een dergelijke lijst maakt het voor belanghebbende, indien hij dit wil, mogelijk zich voor te bereiden op het gesprek. Daardoor komen belanghebbende en de professional meer in een gelijke positie te verkeren dan zonder informatie vooraf. De lijst mag niet leiden tot een starre benadering van het gesprek door de lijst strikt te volgen. De lijst is bedoeld als ondersteuning.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel