Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3

Artikel 3.1

De compensatieplicht

Onderdeel van Beleidsregels individuele voorzieningen maatschappelijke ondersteuning Leeuwarden

Het kernbegrip in de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) is de compensatieplicht. Op grond van deze compensatieplicht, vastgelegd in artikel 4 van de Wmo, moet de gemeente voorzieningen treffen op het gebied van maatschappelijke ondersteuning ten behoeve van personen die beperkingen ondervinden in hun zelfredzaamheid en maatschappelijke participatie. De voorzieningen moeten die personen in staat stellen: een huishouden te voeren; zich te verplaatsen in en om de woning; zich lokaal te verplaatsen per vervoermiddel; medemensen te ontmoeten en op basis daarvan sociale verbanden aan te gaan. Artikel 5 van de Wmo geeft aan gemeenten de opdracht in een verordening aard en vorm van de te verlenen voorzieningen vast te leggen en de voorwaarden waaronder deze voorzieningen worden verleend. (prestatieveld 6 van de wet). De Wmo geeft de gemeenten een grote beleidsvrijheid bij de invulling van dit prestatieveld. De wet vormt het kader waarbinnen de gemeente het eigen beleid moet vormgeven. Het gemeentelijke beleidskader wordt gevormd door de Verordening maatschappelijke ondersteuning Leeuwarden. Hierin zijn door de raad de hoofdlijnen van het beleid bepaald. Ter invulling en uitvoering van die hoofdlijnen moeten burgemeester en wethouders nadere regels stellen.

Rechtspraak bij dit artikel