Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 5

Stortingen in de reserve

Onderdeel van Verordening Reserve Gebiedsontwikkeling Wijdemeren 2012

Een storting door een ontwikkelaar is vereist indien het aandeel sociale woningbouw in een project minder bedraagt dan 35%. Iedere nieuwe woning in het projectgebied maakt onderdeel uit van de bepaling van het aandeel. Stortingen in de reserve zijn gerelateerd aan de verkoopprijzen (v.o.n.) van de te realiseren woningen. De storting in de reserve voor bouwkavels en huurwoningen wordt bepaald aan de hand van de getaxeerde waarde bij verkoop (v.o.n.) van de woning(en) op de vrije markt. Het bedrag van de storting in de reserve wordt als volgt vastgesteld: woningen tot € 275.000,00 nihil woningen vanaf € 275.000,00 4% van de verkoopprijs v.o.n. per woning. Indien een project sociale woningbouw bevat, met een percentage van minder dan 35%, dan is storting verschuldigd naar rato van het niet gerealiseerde aandeel sociale woningbouw. Indien in het project in het geheel geen sociale woningbouw wordt gerealiseerd, is een volledige storting verschuldigd. De bedragen als bedoeld in het vijfde lid worden jaarlijks herzien, voor het eerst per 1 januari 2013, aan de hand van het consumentenprijsindexcijfer voor alle huishoudens (CPI 2006 = 100), zoals deze wordt vastgesteld en gepubliceerd door het Centraal Bureau voor de Statistiek. Daartoe zal de vergoeding worden vermenigvuldigd met de breuk waarvan de teller aangeeft het indexcijfer over het kalenderjaar voorafgaande aan het kalenderjaar gedurende welke de herziene vergoeding heeft gegolden en de noemer het indexcijfer over het kalenderjaar daaraan weer voorafgaand. De vergoeding zal echter nooit lager zijn dan de aanvangstarieven. Mocht het Centraal Bureau voor de Statistiek op enig moment de publicatie van vorenbedoelde cijfers staken, dan zal de huur op basis van vergelijkbare gegevens worden herzien.

Rechtspraak bij dit artikel