Zolang de subsidie niet is vastgesteld kan het bestuursorgaan de subsidieverlening intrekken of ten nadele van de subsidieontvanger wijzigen, indien:
de activiteiten waarvoor subsidie is verleend niet of niet geheel hebben plaatsgevonden of zullen plaatsvinden;
de subsidieontvanger heeft gehandeld in strijd met de aan de subsidie verbonden verplichtingen;
de subsidieontvanger onjuiste of onvolledige gegevens heeft verstrekt en de verstrekking van juiste of volledige gegevens tot een andere beschikking op de aanvraag tot subsidieverlening zou hebben geleid, of
de subsidieverlening onjuist was en de subsidieontvanger dit wist of behoorde te weten.
Zolang de subsidie niet is vastgesteld kan het bestuursorgaan de subsidieverlening met inachtneming van een redelijke termijn intrekken of ten nadele van de subsidieontvanger wijzigen voor zover:
bij wettelijk voorschrift of bij de subsidieverlening in de mogelijkheid van intrekking of wijziging is voorzien;
de subsidieverlening onjuist is, of
veranderde omstandigheden of gewijzigde inzichten zich in overwegende mate tegen voortzetting of ongewijzigde voortzetting van de subsidie verzetten.
Bij intrekking of wijziging op grond van het vorige lid, onderdeel b of c, heeft de subsidieontvanger aanspraak op vergoeding van de schade die hij lijdt doordat hij in vertrouwen op de subsidie anders heeft gehandeld dan hij zonder subsidie zou hebben gedaan.
Hoofdstuk 3
Artikel 3.1
Intrekken of wijzigen subsidieverlening.
Onderdeel van Subsidieverordening maatschappelijk en sociaal cultureel welzijnswerk