Bij het opstellen van de personeelsbegroting is de voor het betreffende begrotingsjaar geldende formatie leidend, waarbij de dienst verantwoordelijk is voor het opnemen van een toereikend budget voor alle met de formatie samenhangende personele kosten (salarissen, werkgeverslasten, opleidingskosten, etc.).
Structurele formatie wordt in beginsel gedekt door structurele middelen. Afwijkingen van deze regel worden gemotiveerd voorgelegd aan een lid van het Directieteam en ter goedkeuring voorzien van een advies van de Concerncontroller.
De kosten van de tijdelijke formatie worden primair gedekt uit (een combinatie van) onderstaande budgetten:
Incidentele middel en die specifiek beschikbaar zijn gesteld voor een taakuitbreiding of taakverzwaring;
Budgetten die specifiek bestemd zijn voor de inhuur van tijdelijk personeel (budgetten voor ziektevervanging, ouderschapsverlof, ect.);
Baten die rechtstreeks samenhangen met de in te zetten extra capaciteit (externe dienstverlening e.d.);
Vergoedingen als gevolg van de detachering van personeelsleden.
Structurele en tijdelijke formatie die worden gedekt door specifieke baten worden in beginsel naar evenredigheid in omvang teruggebracht indien deze dekkingsmiddelen teruglopen.
Artikel 3 Aansluiting formatie en personeelsbegroting
Artikel 3 Aansluiting formatie en personeelsbegroting
Onderdeel van Richtlijnen formatiebeheer Leeuwarden 2016