Het is verboden zonder een daartoe door het bevoegd gezag verleende
omgevingsvergunning een aansluiting van een particulier riool op het
openbaar riool tot stand te brengen of te wijzigen.
Het bevoegd gezag verleent een omgevingsvergunning alleen voor het
het tot stand brengen of het wijzigen van een aansluiting voor de
afvoer van:
afvalwater inclusief hemelwater, als ter plaatse een gemengd
rioolstelsel aanwezig is;
afvalwater zonder hemelwater naar het daarvoor bedoelde
buizenstelsel, als ter plaatse een (verbeterd) gescheiden
rioolstelsel aanwezig is;
afvalwater zonder hemelwater, als ter plaatse riolering
onder over- en/of onderdruk (druk- en vacuümriolering)
aanwezig is;
afvalwater zonder hemelwater, als ter plaatse alleen
riolering voor afvalwater aanwezig is;
afvalwater zonder hemelwater, als ter plaatse een IBA
aanwezig is;
hemelwater, als ter plaatse een gemengd rioolstelsel
aanwezig is en er geen sprake is van open water grenzend aan
het perceel;
hemelwater naar het daarvoor bedoelde buizenstelsel, als ter
plaatse een gescheiden rioolstelsel aanwezig is.
Als meer dan één aansluiting van een particulier riool op het
openbaar riool tot stand moet worden gebracht, alsmede als meer dan
één aansluiting moet worden gewijzigd, is het eerste lid voor iedere
aansluiting of wijziging afzonderlijk van toepassing, met dien
verstande dat één omgevingsvergunning wordt verleend, waarin alle
aansluitingen of wijzigingen afzonderlijk worden vermeld.
Het bevoegd gezag kan in de omgevingsvergunning voorschriften en/ of
beperkingen opnemen.